Het Oudhollandse hoekje

Liedjes en versjes uit Oma`s tijd
Het volkslied, provinciale- en streek volksliederen, stedeliederen

Het Wierings volkslied

Tekst : H. Cornelissen jr.

Wieringen, mijn groene eiland
Parel van de Zuiderzee
Wieringen, mijn groene eiland
Waar ik ben draag ik je mee
Op mijn vele verre reizen
Heb ik steeds aan jou gedacht
Nooit verzuim ik jou te prijzen
Wieringen, je bent een pracht!

Jouw garnalen en je paling
Zijn bij menigeen bekend
Iedereen wil op herhaling
Als hij daarmee is verwend
In je knusse bruine kroegen
Hebben velen zich bezat
(Soms alleen, maar ook in ploegen)
Aan het goudgeel schuimend nat

Wieringen, mijn groene eiland
Parel van de Zuiderzee
Wieringen, mijn groene eiland
Waar ik ben draag ik je mee
Op mijn vele verre reizen
Heb ik steeds aan jou gedacht
Nooit verzuim ik jou te prijzen
Wieringen, je bent een pracht!

Waar de blauwe reigers dromen
Legt de kievit plots een ei
Als de Friese rapers komen
Is die vreugde snel voorbij
Als de rotganzen in troepen
's Winters vreten van je gras
Dan hoor ik de boeren roepen:
"Ik wou dat het voorjaar was!"

Wieringen, mijn groene eiland
Parel van de Zuiderzee
Wieringen, mijn groene eiland
Waar ik ben draag ik je mee
Op mijn vele verre reizen
Heb ik steeds aan jou gedacht
Nooit verzuim ik jou te prijzen
Wieringen, je bent een pracht!

Nergens zijn de meiden mooier
Dan op jouw mooi glooiend land
In bikini, overgooier
Naakt of in een broek van kant
En je mannen zijn zo krachtig
Humoristisch en beschaafd
Zo bescheiden en zo prachtig
Vrouwen zijn er aan verslaafd.

Wieringen, mijn groene eiland
Parel van de Zuiderzee
Wieringen, mijn groene eiland
Waar ik ben draag ik je mee
Op mijn vele verre reizen
Heb ik steeds aan jou gedacht
Nooit verzuim ik jou te prijzen
Wieringen, je bent een pracht!