Het Oudhollandse hoekje

Liedjes en versjes uit Oma`s tijd

Voetbalmarsch

Een echt Hollandsch jongen,
Die mint het voetbalspel.
Het staalt zijn jonge spieren
En maakt zijn beenen snel.
Zijn bloes komt in beweging,
Hij voelt zich frank en vrij.
En valt er wat te spotten,
Is hij er dadelijk bij.

Komt laat de klok maar luiden,
Komt laat de klok maar slaan.
Er is geen sport ter wereld,
Die voetballen kan verslaan.

En maakt de club een doelpunt,
Dan schreeuwt ze luid: "hoera!"
Dat balletje zat prachtig,
De kieper keek het na.
Het was een keihard trappie,
Die middenvoor speelt fijn.
Zijn naam die zal beslist wel,
In het Neërlandsch elftal zijn.

Komt laat de klok maar luiden,
Komt laat de klok maar slaan.
Er is geen sport ter wereld,
Die voetballen kan verslaan.

Verdedigt 't Neërlandsch elftal,
De nationale eer,
Is heel het land in spanning,
Is ieder in de weer.
Ze moedigen geestdriftig,
De voetbal sterren aan
En juichen 't Neërlandsch elftal,
Dat zal nooit verloren gaan!
Komt laat de klok maar luiden,
Komt laat de klok maar slaan.
Er is geen sport ter wereld,
Die voetballen kan verslaan.