Het Oudhollandse hoekje

Liedjes en versjes uit Oma`s tijd

Komt vrienden in den ronde

Uit: Honderd oude Vlaamsche liederen door J. Bols

Komt vrienden in den ronde,
minnaars van enen stiel.
Ik zal u gaan verkonden
hoe ik door 't slijperswiel
de kost verdien voor vrouw en kind
schoon blootgesteld aan sneeuw en wind.

Terlierelom ter la,
van linksom, rechtsom draait mijne steen
door het roeren van mijn been,
ju, ju, ju, ju, ju, ju, ju, ju.

De smid die moet hard werken,
gestadig voor het vier.
Hij durft zich niet versterken
met ene kan goed bier.
Terwijl ik ga op mijn gemak,
soms ook wel met een lege zak.

Terlierelom ter la,
van linksom, rechtsom draait mijne steen
door het roeren van mijn been,
ju, ju, ju, ju, ju, ju, ju, ju.

De kleerfrik maakt ons kleren
voor acht stuivers per dag.
Wil hij zijn loon vermeren
hij snijdt meer dan hij mag.
Maar ik op mijne slijpersteen,
ik win meer op een uur alleen.

Terlierelom ter la,
van linksom, rechtsom draait mijne steen
door het roeren van mijn been,
ju, ju, ju, ju, ju, ju, ju, ju.

De maalder moet gaan malen
tot in het fijnste meel.
Hij moet dubbel betalen
voor zijnen droge keel.
Maar ik, door ijver en door vlijt,
ik win mijn brood in eerlijkheid.

Terlierelom ter la,
van linksom, rechtsom draait mijne steen
door het roeren van mijn been,
ju, ju, ju, ju, ju, ju, ju, ju.

Mijn vrouw die roept victoria
over het slijpersstiel.
Zij vindt de grootste gloria
in 't draaien van mijn wiel.
Mijn kind'ren hebben geen ongemak,
zij lopen met de bedelzak.

Terlierelom ter la,
van linksom, rechtsom draait mijne steen
door het roeren van mijn been,
ju, ju, ju, ju, ju, ju, ju, ju.

Sa, vrienden, voor het leste:
all' ambachten zijn goed,
maar mijn is toch het beste,
schoon ik soms slapen moet
op hooi en strooi in ene stal,
ik heb de kost voor niemendal.

Terlierelom ter la,
van linksom, rechtsom draait mijne steen
door het roeren van mijn been,
ju, ju, ju, ju, ju, ju, ju, ju.