Het Oudhollandse hoekje

Liedjes en versjes uit Oma`s tijd

Een haaienbruiloft

Uit: Zangzaad voor kampeerders,
liedjesbundel verzameld door Boy Wolsey en Jan Waldorp

Een haai die wou eens bruiloft vieren,
Hij nodigde alle waterdieren.
Fiederaldalda, fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.

Hij koos daarvoor zijn achternichtje uit,
En maakte die tot zijn liefste bruid.
Fiederaldalda,fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.

Zij zijn toen naar de kerk gegaan,
en moesten voor de preekstoel staan.
Fiederaldalda, fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.

Een snoek die hield een reuze preek,
en maakte het paar geheel van streek.
Fiederaldalda, fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.

Een dikke paling in gelei,
die wrong zich op de eerste rij.
Fiederaldalda, fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.

Toen zei een dikke waterbaars,
die preek die lap ik aan mijn laars.
Fiederaldalda, fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.

Na de bruiloft zou er een feestmaal zijn,
en aan tafel dronk men fijne wijn.
Fiederaldalda, fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.

Het diner bestond uit gemberbier,
en daarna at men lekker wier.
Fiederaldalda, fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.

De biefstuk die was reuzefijn,
van een verdonken zeekaptein.
Fiederaldalda, fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.

Een garnaal die wou eens lollig zijn,
En trok aan de bel in maneschijn.
Fiederaldalda, fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.

De gasten waren zeer verschrikt,
de snoek heeft zich in 't vlees verslikt.
Fiederaldalda, fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.

De haai die werd toen vreselijk kwaad,
En stormde naar buiten in nachtgewaad.
Fiederaldalda, fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.

De bruiloft werd een reuze strop,
Want de haai at al zijn gasten op.
Fiederaldalda, fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.

Alleen de garnaal die bleef gespaard,
die was de moeite toch niet waard.
Fiederaldalda, fiederaldalda, fiederaldaldaldalda.